Kennisbank · Machineveiligheid & CE

Machine-afscherming: welke types zijn er en wanneer welke?

Er zijn drie hoofdtypen scheidende machine-afschermingen volgens NEN-EN-ISO 14120: vaste afschermingen (alleen met gereedschap te verwijderen), beweegbare afschermingen (met of zonder vergrendeling) en verstelbare afschermingen (voor variabele werkstukken). Daarnaast bestaan niet-scheidende beveiligingsmiddelen zoals lichtschermen, veiligheidsschakelaars, noodstop en tweehandsbediening. De keuze volgt uit de risicobeoordeling en de drie-stappen-methode uit ISO 12100.

Machine-afscherming voorkomt dat medewerkers in contact komen met gevaarlijke bewegende delen, uitgeworpen materiaal of andere risico's van de machine. Er zijn twee hoofdcategorieën: scheidende afschermingen (fysieke barrières zoals kappen en deuren) en niet-scheidende beveiligingsmiddelen (lichtschermen, vergrendelingen, noodstop). De keuze volgt uit de risicobeoordeling en de drie-stappen-methode uit ISO 12100.

Wettelijk kader: waarom afscherming verplicht is

De plicht om gevaarlijke delen van machines af te schermen ligt op twee niveaus vast:

  • Voor de werkgever: Arbobesluit artikel 7.7 schrijft voor dat gevaarlijke onderdelen van arbeidsmiddelen zijn beveiligd of afgeschermd, en dat beveiligingen niet eenvoudig opzij te zetten of buiten werking te stellen zijn.
  • Voor de fabrikant: bijlage I §1.4 van de Machinerichtlijn 2006/42/EG stelt eisen aan de vereiste eigenschappen van afschermingen en beveiligingsinrichtingen. Vanaf 20 januari 2027 verschuift dit naar bijlage III van de Machineverordening EU 2023/1230.

De concrete uitwerking van deze eisen staat in geharmoniseerde normen:

  • NEN-EN-ISO 12100: basisnorm voor risicobeoordeling en risicoreductie (drie-stappen-methode);
  • NEN-EN-ISO 14120: ontwerp en constructie van vaste en beweegbare afschermingen;
  • NEN-EN-ISO 14119: vergrendelingen (interlocking devices) voor beweegbare afschermingen;
  • NEN-EN-ISO 13857: veiligheidsafstanden om te voorkomen dat lichaamsdelen gevarenzones bereiken;
  • NEN-EN-ISO 13850: noodstopfunctie, ontwerpprincipes.

Scheidende afschermingen

De drie hoofdtypen fysieke afscherming.

Volgens NEN-EN-ISO 14120 zijn er drie hoofdtypen scheidende afschermingen ('guards'). De keuze hangt af van hoe vaak en waarom er toegang tot het afgeschermde gebied nodig is.

1. Vaste afscherming

Permanent gemonteerd en alleen met gereedschap te verwijderen. Denk aan een gelaste kap boven een aandrijving of een boutverbonden hek rond een robotcel. De eerste keuze zolang er bij normaal gebruik geen toegang nodig is. Simpel, betrouwbaar, moeilijk te omzeilen.

2. Beweegbare afscherming

Een deur of klep die opengaat voor onderhoud, bijvullen of storingsverhelpen. In vrijwel alle gevallen uitgevoerd met een vergrendeling (interlock) volgens NEN-EN-ISO 14119, zodat de machine stopt zodra de deur wordt geopend en pas start als hij weer dicht is.

3. Verstelbare en zelfsluitende afscherming

Voor situaties waar de opening naar het gevaar per werkstuk wisselt, zoals bij houtbewerkings- of zaagmachines. Wordt handmatig ingesteld (verstelbaar) of komt automatisch terug na doorgang (zelfsluitend). Vereist meer aandacht bij inspectie en instructie.

Niet-scheidende beveiligingsmiddelen

Beveiligingsmiddelen: zonder fysieke barrière.

Waar een fysieke afscherming onwerkbaar is (bijvoorbeeld bij snel roulerend materiaal of toegang van meerdere zijden), komen niet-scheidende beveiligingsmiddelen ('protective devices') in beeld. Deze detecteren aanwezigheid of vragen actieve bediening.

Lichtscherm / lichtgordijn

Onzichtbare lichtstralen die worden onderbroken zodra een lichaamsdeel de gevarenzone nadert. De machine stopt onmiddellijk. Vraagt zorgvuldige berekening van de opstelafstand.

Veiligheidsvergrendeling

Op beweegbare afschermingen: schakelt de machine uit bij openen, en houdt de deur eventueel gesloten tot alle bewegingen tot stilstand zijn gekomen (guard locking).

Noodstop

Volgens NEN-EN-ISO 13850. Een noodstop is een aanvullende maatregel, nooit een vervanging van reguliere afscherming. Altijd rood op geel, met paddenstoelknop, en op alle bedienplekken bereikbaar.

Tweehandsbediening

De machine werkt alleen als beide handen op de bedieningsknoppen liggen. Vooral gebruikt bij persen en handmatige inzet-bewerkingen waar de handen anders in de gevarenzone kunnen komen.

Veiligheidsmat en laserscanner

Detecteren aanwezigheid in een vooraf gedefinieerd gebied rond de machine. Handig bij robotcellen en heftrucksinzet in productieomgevingen.

Veilige besturingsfuncties

Vaak samen met een veiligheidsPLC volgens NEN-EN-ISO 13849-1: veilige-stop-functies, snelheidsbewaking, positiebewaking. Onmisbaar bij samengestelde installaties en robots.

Welke afscherming wanneer? De drie-stappen-methode

De keuze voor een type afscherming is nooit een losse ontwerpbeslissing, maar volgt uit de risicobeoordeling volgens NEN-EN-ISO 12100. De norm schrijft een vaste volgorde voor risicoreductie:

  1. Inherent veilig ontwerp: neem het gevaar zoveel mogelijk weg bij het ontwerp zelf (bijvoorbeeld kleinere openingen, lager toerental, ingebouwde begrenzers).
  2. Technische beveiliging: hier komt afscherming in beeld. Eerst een vaste afscherming, dan pas beweegbaar (met vergrendeling), en pas als laatste optie niet-scheidende beveiligingsmiddelen.
  3. Informatie voor gebruik: waarschuwingen, pictogrammen, instructiekaarten, PBM's. Alleen voor de restrisico's die na stap 1 en 2 overblijven.

In de praktijk betekent dit: begin altijd met de vraag "kan het gevaar bij het ontwerp weg?" voor u een afscherming kiest. En kies binnen afschermingen altijd het robuustste type dat de bediening niet frustreert. Een frequent geopende deur zonder vergrendeling wordt in de praktijk snel omzeild.

Lees meer over ISO 12100 en de drie-stappen-methode →

Uit de praktijk

Wat Samodi vaak ziet misgaan.

Vergrendelingen omzeild

Een schakelaar met een schroef vastgezet, een magneetje ernaast geplakt, of een 'valse' key erin. De machine draait door met de deur open. Dit is een van de eerste dingen waarop de Arbeidsinspectie let.

Te grote openingen

Openingen in vaste afschermingen (voor doorvoer, koeling of zicht) waar volgens NEN-EN-ISO 13857 een hand of arm doorheen past terwijl het gevaar nog bereikbaar is.

Vaste afscherming zonder gereedschap

Kappen met vleugelmoeren, klemmen of snelspanners. Volgens ISO 14120 moet een vaste afscherming alleen met gereedschap te verwijderen zijn, anders is het een beweegbare afscherming en gelden andere eisen.

Aandrijvingen onafgeschermd

V-snaren, kettingen, tandwielen en riemschijven zonder kap. Klassieker bij oudere machines en zelfbouw. Direct risico op inklem-, snij- of tref-letsel.

Geschreven door Sander Mook, veiligheidskundige, gecertificeerd CMSE® en CECE® door TÜV NORD, oprichter van Samodi Bedrijfsveiligheid in Leek.

Laatst gecontroleerd: juli 2026. Wetgeving en normen rond machineveiligheid veranderen; controleer bij twijfel de actuele bronnen of neem contact op.

Gerelateerd

Lees ook.

Wat is ISO 12100?

De basisnorm en de drie-stappen-methode waar afscherming uit voortkomt.

Veelgestelde vragen

Vragen die wij vaak krijgen.

Welke soorten machine-afscherming zijn er?

Er zijn drie hoofdcategorieën scheidende afschermingen (guards) volgens NEN-EN-ISO 14120: vaste afschermingen (alleen met gereedschap te verwijderen), beweegbare afschermingen (met of zonder vergrendeling), en verstelbare afschermingen (voor variabele werkstukken). Daarnaast bestaan niet-scheidende beveiligingsmiddelen (protective devices) zoals lichtschermen, veiligheidsschakelaars, noodstop en tweehandsbediening.

Is machine-afscherming wettelijk verplicht?

Ja. Arbobesluit artikel 7.7 verplicht de werkgever om gevaarlijke onderdelen van arbeidsmiddelen af te schermen. Voor de fabrikant is de plicht opgenomen in bijlage I §1.4 van de Machinerichtlijn 2006/42/EG (vanaf 20 januari 2027 in bijlage III van de Machineverordening 2023/1230). De concrete uitwerking staat in geharmoniseerde normen zoals NEN-EN-ISO 14120.

Wanneer kies ik een vaste en wanneer een beweegbare afscherming?

Een vaste afscherming is de eerste keuze wanneer bij normaal gebruik geen toegang tot het afgeschermde gebied nodig is. Is er wel regelmatig toegang nodig (bijvoorbeeld voor bijvullen of schoonmaken), dan volgt een beweegbare afscherming, meestal met vergrendeling volgens NEN-EN-ISO 14119. Zonder vergrendeling alleen als het gevaar bij openen al is weggenomen (bijvoorbeeld natraaitijd van 0).

Wat is het verschil tussen een afscherming en een beveiligingsmiddel?

Een afscherming (guard) is een fysieke barrière die contact met een gevaar voorkomt: een kap, deur of hek. Een beveiligingsmiddel (protective device) detecteert menselijke aanwezigheid of vraagt actieve bediening en schakelt de machine dan uit of veilig: lichtschermen, veiligheidsmatten, tweehandsbediening, noodstop. Vaak worden beide gecombineerd.

Hulp nodig?

Twijfelt u of uw afscherming voldoet?

Samodi beoordeelt uw afschermingen tegen de wettelijke eisen (Arbobesluit artikel 7.7) en de relevante normen (NEN-EN-ISO 14120, 14119, 13857), en geeft aan waar aanvulling of aanpassing nodig is.

Stel uw vraag

Binnen 24 uur reactie. Of bel direct: 06-15409872.